Peelrandbreuk


Free Web Hosting with Website Builder
Kaart van de belangrijkste tektonische structuren in de ondergrond van zuidwestelijk Nederland, noordoostelijk België en het westen van Noord-Rijnland-Westfalen.

De Peelrandbreuk is een geologische breuklijn die zijn naam dankt aan de Peel. Grofweg volgt de breuklijn de lijn Roermond-Deurne-Uden-Heesch. Deze noordwest-zuidoost lopende afschuivingsbreuk reikt tot aan het aardoppervlak en scheidt de relatief omhoog bewegende Peelhorst van de relatief omlaag bewegende Roerdalslenk. Op verschillende locaties kent de breuk zijbreuken, die het landschappelijk patroon sterk hebben beïnvloed, zoals de Storing van Handel en de Storing van Milheeze. Onder meer waterlopen en ook wegen hebben zich naar deze zijbreuken gevoegd. Een voorbeeld is de weg tussen de kom van het dorp Deurne en de buurtschap Vreekwijk.

Het breuksysteem vormt onderdeel van de grote Beneden-Rijndalslenk in de ondergrond van Nederland, België en Duitsland. Langs de Peelrandbreuk vindt nog steeds beweging plaats, wat op sommige plaatsen in het landschap te zien is en voor aardbevingen met hun epicentrum boven de breuk zorgt.

Recente studies geven aan dat in Nederland de recente bewegingen langs breuken aan het maaiveld niet zozeer schoksgewijs verlopen, maar veel meer optreden als langzame, ononderbroken verplaatsingen. De laatste grotere aardbevingen op deze breuk waren de aardbevingen bij Uden (ergens in de jaren 70) en de aardbeving bij Roermond op 13 april 1992.

Omvang van de breuk

Het verticaal verzet langs de breuk is minstens 40 meter. Door onder andere de aardbeving van 1992 weten we dat de afschuiving nog steeds door gaat. Waterpassingen sinds 1935 tussen ondergrondse merken tonen duidelijk de verticale beweging langs de breuk. De relatieve beweging blijkt 2 à 4 mm per jaar te bedragen. Aan het aardoppervlak is het hoogteverschil langs de breuklijn minder groot dan het verzet in de ondergrond, omdat de laagte die door de verzakking van de slenk ontstaat continu wordt opgevuld met nieuw sediment van de rivier de Roer, die door het gebied stroomt. De terrasrand van de Peelrandbreuk is daardoor niet zo steil en het hoogteverschil bedraagt ongeveer 20 meter.

Geologische verschijnselen

Ter hoogte van Uden zijn op de breuk veel kiezelstenen aangetroffen, aangevoerd door een vroegere bedding van de Maas. Bij het bewerken van de grond komen deze steeds aan de oppervlakte, wat de indruk wekt dat ze daar groeien. Deze kiezelstenen komen uit België uit de omgeving van Namen en Dinant. Wanneer de grondwaterstand ter plaatse wordt gemeten, is het zo dat hoe hoger men op de breuk komt hoe natter het wordt. Over een afstand van 25 meter kan er een verschil optreden van meer dan 2 meter. Op het hoge deel groeit zegge en riet, wat normaal op het laagste deel verwacht wordt. In deze streek moeten de boeren op het laagst gelegen land ook eerder beregenen dan de boeren op het hoge land. Deze hoog gelegen natte landen worden Wijstgronden genoemd. Daarom komen er in deze streek ook veel mensen voor die van der Wijst heten.

Door langzame bewegingen in de aardkorst ontstaan breuken en schollen. Een omhoog geduwde schol noemt men een horst, een weggedrukte schol een slenk. Het ontstaan van de Roerdalslenk en de Peelhorst dwingt de Maas naar het oosten. Regen en grondwater kunnen door het grove grindrijke zand van de Maashorst snel wegstromen. Bij de breukrand wordt het water tegengehouden door het dekzand van de Roerdalslenk (bij afgravingen van het stuifzand kan een podsol worden aangetroffen). Waar leem het wegzakken in de bodem tegengaat, komt het ijzerhoudende water in contact met zuurstof. De kleine ijzerhoudende deeltjes roesten en verbinden zich met het fijne dekzand tot harde ijzeroerlagen, zo nat dat het water aan de oppervlakte komt. Dit zijn waardevolle gebieden met speciale planten en dieren.

Bronnen







Why are we here?
All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License
This page is cache of Wikipedia. History